“Onze opdrachtgever, Bert Ooms Verhuizingen BV te Hoorn, heeft ons opgedragen de vordering op u ter zake van in uw opdracht en voor uw rekening verrichte verhuiswerkzaamheden met alle ons ten dienst staande middelen in te vorderen”, las ik in de eerste regel van het aangetekend schrijven dat gerechtsdeurwaarder H. Pama bij me thuis liet bezorgen.
Omdat ik op zijn eerdere schriftelijke aanmaningen niet gereageerd had, sommeerde de heer Pama me om binnen vijf dagen 3438,98 euro aan Bert Ooms te betalen, want anders zou ik nog niet helemaal klaar met hem zijn.
“Heb jij misschien een aantal aanmanende brieven van gerechtsdeurwaarder H. Pama weggegooid”, vroeg ik aan mijn vrouw. “En klopt mijn geheugen als ik zeg dat we al zeker tien jaar niet meer verhuisd zijn en dat we de laatste verhuizing zonder enige assistentie van verhuisbedrijf Bert Ooms toch tot een goed einde gebracht hebben?”
Mijn vrouw kon zich ook al niet herinneren dat we deze eeuw een nieuwe woning betrokken waren en ontkende dat ze brieven van gerechtsdeurwaarder Pama verdonkeremaand had.
Ik had nog nooit met een gerechtsdeurwaarder gebeld, laat staan met een die in zijn angstaanjagende brief met koeien van letters had laten weten dat bezwaren tegen de rekening
uitsluitend SCHRIFTELIJK gemaakt mochten worden. Maar ik waagde het erop en de vriendelijke telefoniste zette me niet eerst een half uurtje in de wacht, maar verbond me direct door met H. Pama zelf.
Of de heer Pama een typische gerechtsdeurwaarder is kan ik niet zeggen, maar ik hoop van wel voor iedereen die ooit met gerechtsdeurwaarders te maken krijgt: reuze aardige man. Voor de zekerheid vroeg hij me nog wel of ik echt zeker wist dat ik me eind vorig jaar niet uit de Polakstraat 61 in Amsterdam had laten verhuizen naar een ander adres in Amsterdam. Maar met een mondelinge ontkenning nam hij onvoorwaardelijk genoegen.
“Hoe komt uw gerechtsdeurwaardelijke dreigbrief nou bij mij in Utrecht terecht?” vroeg ik. “Nadat er een paar aanmaningen ongeopend retour waren gezonden kreeg ik er een terug waarop geschreven was dat u doorverhuisd was naar Utrecht. En daar stond uw adres bij, vandaar!”
Mijnheer Pama vertelde dat hij elke week wel een gevalletje had van iemand die door de naam van een ander te gebruiken onder betaling uit wil komen. “Werkt dat”, vroeg ik. “Bij mij niet!” zei Pama.
Henk Westbroek