In de zomer van 1969 ben ik in Utrecht op kamers gaan wonen. Ik ben dus vijftig jaar Utrechter. Ik heb het nog even opgezocht. Officieel sta ik vanaf 3 december 1969 ingeschreven bij de gemeente. Ik ben een half jaartje spookstudent geweest. Nu lopen er zo’n drieduizend studentspoken door de stad; hoeveel het er toen waren, weet ik niet. Via het plaatsen van een advertentie in het Utrechts Nieuwsblad, kreeg ik een kamer op het adres: Bellamystraat 11 bis. Toen lukte dat nog met zo’n advertentie. In dat bovenhuis in de Vogelenbuurt heb ik bijna zeventien jaar gewoond, waarvan tot half ’76 met opoe: mijn hospita. Hieronder staat een rijtje columns waarin ik al over mijn Bellamyperiode heb geschreven. Op 1 mei 1986 kreeg ik de sleutels van mijn woning in de Bergstraat, alweer ruim 33 jaar geleden.
Als beginnend kamerbewoner ging ik elk weekend naar mijn ouders met een tas met vuil ondergoed. Het fietstochtje van het station naar Bellamystraat deed ik aanvankelijk met een mini-omweg van een paar honderd meter. Dat was de weg die ik kende. Pak de (digi)kaart van Utrecht er even bij. Vredenburg, Lange Viestraat, over de Viebrug links, Oudegracht, Weerdbrug, Bemuurde Weerd Oostzijde, Kraanstraat, Gruttersdijk, Hopakker, Weerdsingel Oostzijde naar de Bellamystraat. Die omweg heb ik zeker twee maanden gereden voordat ik een kortere route vond: Vredenburg, Lange Viestraat, over de Viebrug links, Oudegracht aan het eind rechts: de Van Asch van Wijckskade op (het Nijntjepleintje bestond toen nog niet), links over de Van Asch van Wijcksbrug en dan rechtsaf Weerdsingel Oostzijde. Daarna is de eerste weg links: de Bellamystraat. Zo was ik twee minuten eerder op mijn kamer. Later ontdekte ik een nog kortere route door Wijk C.
Ik woonde nog niet zo lang in de Bellamystraat toen opoe haar verjaardag zou gaan vieren. Ik was ook uitgenodigd. Ik had de familie al lang genoeg meegemaakt om te denken: ik moet dan weg wezen. André Hazes was nog niet doorgebroken, maar wel de muziek van Johnny Jordaan, tante Leen, Willy Alberti, Gert & Hermien, Corry Konings, Nico Haak, Rita Corita, Ria Valk, De Havenzangers, Zangeres zonder Naam enzovoorts. Absoluut niet mijn favoriete muziek! Bovendien woonde ik toen nog in de achterkamer. Deze was door schuifdeuren gescheiden van de voorkamer waar opoe woonde en waar het feest zou worden gehouden. (Pas na twintig maanden Bellamystraat verhuisde ik naar de bovenste verdieping pal boven mijn oude kamer.)
Het jaar erop was ik wel op opoe’s verjaardag. De schuifdeur stond open. Voor mij was het de knop even omzetten en daarna gewoon meedoen. Er waren zo’n veertig personen op bezoek. Ik heb ontzettend veel lol gehad met iedereen. Het enige wat ik me nog goed herinner, is dat we in polonaise de trap zijn afgegaan en de hele Bellamystraat op en neer zijn gelopen met opoe voorop. En er is ontzettend veel gezopen. Het heeft een paar maanden geduurd voordat opoe alle onkosten betaald had. Ik heb zelfs de huur nog een maand vooruitbetaald. Daarna heeft opoe haar verjaardag nooit meer zo uitbundig gevierd. Ze kon die drukte niet zo goed meer aan. Na haar overlijden is het bovenhuis verbouwd voor kamerbewoning. Ik moest tijdelijk ergens anders wonen. Vanaf begin 1977 hebben we daar eerst met vijf studenten gewoond en later met z’n vieren. De eerste vijf jaar was een leuke tijd. We waren bijna een soort commune; we kookten automatisch voor elkaar en deelden lief en leed. Toen Gert het huis uit ging, begon de sfeer te veranderen (Gert is nog steeds één van mijn beste vrienden). Na bijna zeventien jaar was ik blij dat ik op mezelf kon gaan wonen. Nu hoef ik me niet meer te ergeren aan de zooi van mijn huisgenoten en het niet nakomen van de beloftes. “Keuken en wc schoon maken? Was ik aan de beurt….? Eh, geen tijd voor gehad. Komt volgende week wel.” Dat soort werk dus.
Dik Binnendijk
(14-11-2015) Hoerendrempels
(27-05-2016) Op kamers
(16-05-2017) Nationaal Zorg Fonds, Ziekenzorg en opoe
(04-08-2017) De Engerd
(18-08-2017) Bontjassen
(29-09-2017) Vlijtige liesjes
Opoe (foto: Dik Binnendijk, 1972)