En weer eindigt er in Utrecht een leven onder de wielen van een bus. Omdat ook ik de feiten nog niet ken van het dramatische ongeluk van dinsdag bedoel ik dat niet rottig naar de chauffeur. Wat ik wel constateer is dat het aantal dodelijke ongevallen in het verkeer al jaren scherp daalt, maar dat het aantal dodelijke ongevallen op Utrechtse busbanen lijkt te exploderen. En meestal in combinatie met een totaal onoverzichtelijke verkeerssituatie. Denk aan de Croeselaan die alweer op de schop gaat, de busbaan langs winkelcentrum Vleuterweide waar zelfs ik als doorgewinterde Vinexnestor panisch van wordt en de drukke Vleutenseweg.
Vanaf 2007, toen de sloop van Muziekcentrum Vredenburg begon, is het rond het Smakkelaarsveld een soort van oorlogsgebied. Dwars door een ongekende bouwput moeten wandelaars, fietsers, auto’s en bussen zich een steeds veranderende weg zien te banen. De eindeloze stoet dubbel gelede bussen lijkt als een gekleurde streep het station met de binnenstad te verbinden. Pas als er een klein gaatje valt, wurmt de rest van ons zich daardoorheen.
En dan heb ik het nog niet gehad over het listige bouwverkeer. De enorme zanddumpers, de heistellingen, kranen, vrachtauto’s en busjes die dagelijks de hen toegewezen bouwpoorten in- en uitrijden. Vorige maand waren uw columnisten te gast in de bouwput op het Vredenburg. Ik verbaasde mij toen hoe goed het in zo’n put is geregeld en hoe krankzinnig er omheen. De bouwplaatsmanager was trots op het feit dat zich geen ongelukken onder de bouwers hadden voorgedaan. Goed uitvoeren van Arbo- en andere wetgeving. Maar dat geldt niet voor de wereld erbuiten.
Zoals u weet erger ik mij al jaren kapot aan al die Utrechters die te pas en te onpas roepen dat we in ons grote dorp grootstedelijk en trots moeten denken. Gelukkig haalde college Goossens die idiotie al onderuit met de opmerking dat het potsierlijk is om trots te zijn op een plek. Trots ben je op een kind dat heeft leren zwemmen. Afgelopen jaar bijvoorbeeld was ik trots op mijn vrouw die een nieuwe studie afrondde met negens en tienen. En heel erg verdrietig ben ik nu 'de vooruitgang' het leven van een ventje, zijn ouders, broertjes en/of zusjes en omgeving vermorzelde. Denk liever klein en stop die trots waar de zon niet schijnt.
Wouter de Heus
Deze column is eerder gepubliceerd in
AD/Utrechts Nieuwsblad en op
WouterdeHeus.nl.