Toen ik in 1980 als ventje dagelijks van het truttige Vleuten naar dat lieve kleine Gymnasium tussen Catharijnesingel en Oudegracht peddelde, zag Utrecht er een beetje anders uit dan nu. De fietstocht van 11 kilometer is in een paar decennia onherkenbaar veranderd. Waar je destijds het dorp uitreed wachtte kilometers kale polder langs het spoor naar de stad. Aan de poort ervan werd je welkom geheten door de heerlijke geur van koffie uit de schoorstenen van Douwe Egberts. De drukte van de Vleutenseweg was prettig na de stilte van de weilanden. En was je veilig het Westplein gepasseerd begon al bijna de gezelligheid van de binnenstad. Voor een jongen van nog geen 13 werkte het ritje als een magneet: hier wilde je zijn en blijven. U begrijpt, de terugtocht was van een hele andere orde en daar deed ik bijna dubbel zolang over.
Toen ik in 1986 uiteindelijk een diploma bezat wist ik een ding zeker: ik zoek een studie in Utrecht en ga heel snel op kamers in de binnenstad! De studie werd gevonden op de HTS voor de Bouwkunde (Planologie) en de kamer werd een enorme zolder op de Breedstraat. De tippelzone in dat gebied was al een tijdje verplaatst naar het Moreelsepark maar de dames op de Hardebollenstraat deden er nog prima zaken. We zwaaiden dagelijks op de wandeling van en naar de Albert Heijn op de Voorstraat.
Mijn aanloop is lang om op het punt uit te komen waar ik graag wil uitkomen: de binnenstedelijke prostitutie! Utrecht is in de afgelopen 35 jaar zo verschrikkelijk aangeharkt dat het spook van een openluchtmuseum op de loer ligt. In 1980 deden de bewoners van de Zeven Steegjes hun behoefte nog op een rijtje poepdozen en in 1986 was de Breedstraatbuurt nog vergeven van de penose. Dat alles is tegenwoordig zo anders dat ik het zou toejuichen als er weer dames van vertier terugkeren achter die ramen. Maar dan zonder pooiers en volledig in eigen hand zoals nu het plan van Freya Exploitatie is. En voor de angstige Breedstraatbuurtbewoner van nu ken ik nog wel iemand die graag van woning met u ruilt…
Wouter de Heus
Deze column is eerder gepubliceerd in
AD/Utrechts Nieuwsblad en op
WouterdeHeus.nl.